Hooghouden

De kunst van het hooghouden is de bal niet laten vallen. En als alle ballen gericht zijn op jouw bewindspersoon, dan ga je masseren, aandacht afleiden en alles doen om te zorgen dat de bewindspersoon hoog blijft en niet de bal van de oppositie. 

Donderdag 4 februari was er weer een debat over de coronamaatregelen. De meeste riedeltjes kennen we inmiddels, dus het is zoeken naar de dingen die opvallen. Hoewel, dat was niet zo moeilijk dit keer. VVD en CDA pleitten nog voor het kabinet aan het woord was voor verlenging van de avondklok. De derde golf komt eraan, hoorden we die ochtend van RIVM’er Jaap van Dissel. VVD-voorman Mark Rutte en CDA-kopstuk Hugo de Jonge zijn hoofdverantwoordelijk voor het coronabeleid. Vooraf steun van hun eigen partijen kan de kijkers en luisteraars van het debat alvast masseren en voorbereiden op moeilijke besluiten. 

Eerst dacht ik nog even aan verkiezingstaal: VVD en CDA die nu alvast samen optrekken en voorsorteren op een nieuwe coalitie na de verkiezingen van half maart. Maar de toespraak van CDA-lijsttrekker Wopke Hoekstra past niet in het plaatje. Ongekend hard over Rutte. Maar goed, zoals het er nu naar uitziet wint de huidige premier met zijn partij wederom overtuigd de verkiezingen en de uitspraken van Hoekstra kunnen ook bedoeld zijn om de huid als toekomstig coalitiepartner duur te verkopen. 

Dus rest er maar een conclusie: VVD en CDA houden elkaar nu even hoog. Masseren het publiek voor wat ongetwijfeld komen gaat: een verlenging van de avondklok. Nu wil het toeval dat het weer een beetje gaat helpen: de avonden en nachten worden komende week ijskoud. En als alles goed gaat, begint over exact een week, vrijdag 12 februari, het verkiezingsreces en dan mogen de partijen los, niet meer gehouden aan het hooghouden van de bal voor elkaar, maar eigen ballen eerst. 

Lek

Minister Ferd Grapperhaus van Justitie zoekt uit wie heeft gelekt uit het Outbreak Management Team (OMT). Zaterdag lekte uit dat de basisscholen en kinderopvang op 8 februari 2021 weer open mogen. Twee van de drie lijsttrekkers in het kabinet brachten het nieuws vrijdag al na de ministerraad.

Premier Rutte hield het in zijn persconferentie op die vrijdag erbij dat het OMT eerst advies hierover moest geven. Hij zegt al een paar weken dat bij kleine kans onder verspreiding van de leerlingen de basisscholen en de kinderopvang graag weer opent. Zijn collega-lijsttrekkers Hoekstra (CDA) en Kaag (D66) waren er net daarvoor al duidelijk over dat de basisscholen weer open gaan.

Minister Slob van Onderwijs, geen lijsttrekker, wel lid van de ChristenUnie, kondigde zondag na het Catshuisberaad over de coronacrisis officieel aan dat het kabinet heeft besloten dat de basisscholen na 8 februari weer open kunnen. En maandag het bericht dat Grapperhaus het lek van het OMT gaat onderzoeken. Waarom nu deze grote broek nadat zijn collega’s van Financiën en Buitenlandse handel het nieuws al hadden gebracht?

Ministers mogen dus kennelijk wel lekken uit een conceptadvies zonder consequenties, of geldt dat alleen voor lijsttrekkers? Hoekstra had nog zo gezegd dat hij pas twee weken voor de verkiezingen campagne ging voeren. En Rutte ook, maar die hield het bij een formeel: ‘eerst het advies afwachten’. Een koud kunstje om als journalist dan te vragen aan een lid van het OMT: ‘Kloppen de uitspraken van Hoekstra en Kaag?’ Een aarzelend ja is voldoende voor de bevestiging, immers was de eerste bron het kabinet zelve.

Nieuwe maatregelen

Premier Mark Rutte spreekt vanavond het volk weer toe. En het ziet er niet vrolijk uit. Zeker niet voor een werkloos vrijgezel ondernemend persoon als ik. Het stemt verdrietig dat de winkels sluiten en dat er strengere maatregelen komen.

Nu hoor ik sommige mensen al denken: maar niet alle winkels gaan dicht. Nee, dat klopt. Maar supermarkten ga ik sinds het begin van de coronacrisis alleen in noodgevallen nog binnen. Daar worden maatregelen met voeten getreden, houdt bijna niemand genoeg afstand en is het pakken wat je pakken kan. Daar pas ik voor.

Ik heb een tijdje in Frankrijk gewoond in de periode dat daar de maatregelen streng waren en je maximaal een kilometer van huis mocht met de honden, maar dan ook buiten wel met mondkapje op. De winkels met niet-essentiële spullen waren dicht, in de supermarkten waren de niet-essentiële spullen afgezet met rood lint om ze onbereikbaar te maken, maar mensen hielden zich beter aan de maatregelen. Briefje mee als je naar buiten ging met de reden van de reis en je kon gaan.

Maar toen zat ik in de confinement samen met iemand. Nu ben ik weer alleen met mijn kat. En waarschijnlijk blijf ik dat ook met de kerstdagen en met oud en nieuw en dat stemt me verdrietig. Ik stort me maar weer op wandelingen op rustige tijden tussen het solliciteren door (tips zijn welkom!).

Nu ga ik nog even snel naar buiten om een jurk te kopen, nadat ik weer wat heb opgeruimd en heb verkocht via Marktplaats. Een klein cadeautje voor mezelf voor de eenzame kerst.

Verhuizen

Het is een gedoe, dat verhuizen. Je komt nergens anders meer aan toe, heel veel administratieve rompslomp komt op je af. Je hebt een huis dat leefbaar moet, een ander huis dat schoon achter moet blijven. Na zes weken lijkt het stof neergedaald. Want dat zit werkelijk overal.

Verder is het ook een tijd van opruimen, weggooien, heroverwegen en opnieuw beginnen. Vandaar dat de website Alles is politiek nu ook hier uitkomt. En ik moet eerlijk zeggen: de afgelopen tijd was niet alles meer politiek, het was overleven. Na een turbulent jaar kwam de verhuizing als een apotheose. Nu die voorbij is en ik hier tussen het neergedaalde stof zit, heb ik weer tijd om weer meer te schrijven.

Natuurlijk gaat dat nog voor een deel over actuele politieke ontwikkelingen, taalergernissen en dingen die me opvallen. Maar bij het verhuizen, opruimen en heroverwegen zijn ook andere ideeën ontstaan over schrijven en hoe ik me kan uiten. De contouren komen langzaam in zicht, maar ik weet nog niet helemaal hoe ik daarmee om wil gaan. Dat zal dus komende tijd blijken.

Dit hier is alvast een kleine aanzet. Alles is Politiek, maar politiek is niet alles meer. Veel verandert, maar sommige dingen blijven. Zo begint zondag de weekendschool weer met een les journalistiek en mag ik het verschil tussen open en gesloten vragen weer uitleggen. Ik heb er zin in en verheug me op de inspiratie die dat ongetwijfeld oplevert. Voor nu: tot later.

Kom op voor jezelf

Wat is er met vrouwen aan de hand? Om mij heen zie ik steeds meer vrouwen die zich heel afhankelijk opstellen van mannen. Hij wil geen relatie dus houden we het op vriendschap met af en toe seks. Terwijl zij duidelijk meer wil en hij zijn eigen gang gaat. Of zij zit thuis te wachten terwijl hij op pad is, zegt hij. In werkelijkheid zit hij in een andere relatie. Zij vergeeft hem, hunkert naar hem, maar hij wil rustig aan doen. Weet niet of hij wel een relatie wil.

Een relatie zou gelijkwaardig moeten zijn. Elke relatie, ook een vriendschap. Je geeft en neemt. Misschien moet je af en toe wat toegeven, de ander ook. Dat hoeft heus niet op een gouden weegschaal, maar het moet wel in balans zijn. Ik ben zo naïef om te denken dat ik gelijk ben aan een man met gelijke kansen en uitdagingen. Maar veel jongere dames vinden dat duidelijk niet.

Ik snap dat niet. Kom op voor jezelf. Het kan en mag hier. Laat je niet in een hokje duwen. Kijk naar grote inspiratiebronnen als Aletta Jacobs, Google haar maar. En laat je niet opsluiten in je eigen gevoel ‘omdat de ander ruimte nodig heeft’. En laten wij met zijn allen zorgen dat gelijkheid prevaleert. Meiden hebben net als jongens recht op een eigen voetbalteam. Maak het mogelijk. Ga respectvol met elkaar om. En dames: laat je niet in een hok stoppen, klein houden, kleineren zelfs. Je bent meer waard dan dat.

Op zoek naar een voorbeeld? Kijk dan eens op een weekendschool. Allemaal kinderen met ambitie. Inspirerend. Jongens en meisjes. Leergierig. Dat is de toekomst. We leven in een vrije wereld. Maak daar gebruik van met respect voor de ander en de wereld en het meest voor jezelf. Je bent het waard.

Feest van de democratie

Stemmen! Het is een feest. Elke keer moeten we vieren dat we mogen stemmen, dat we die vrijheid hebben en in het stemhokje onze mening mogen geven. En dat vieren we met taart, of op zijn minst een gebakje. Dat heb ik van Willem Breedveld geleerd en sindsdien (begin 1998) doe ik dat Trouw. Onbegrijpelijk dat niet meer mensen dat zien.

Ik vind het moeilijk te verteren dat meer dan de helft van de Nederlanders niet de moeite neemt om te gaan stemmen. Goed, het ging over Europa, maar ook daarover mogen we stemmen. Een deel van onze regels bepalen ze daar in Brussel en/of Straatsburg. En ook daar mogen we een mening over hebben en die komt het beste tot uitdrukking als we een vakje mogen kleuren. Want ook daarover mogen we stemmen.

Niet over elk onderdeel en elke wet en regel, maar wel over het algemene beeld. En hoewel een Nederlandse stem een klein deel is in het geheel, is het wel een stem die de moeite waard is om te laten horen. Ik ben persoonlijk erg blij dat ik die kan laten horen. Ik ben van mening dat mensen die niet de moeite nemen om te gaan stemmen niet achteraf mogen klagen over het bestuur. Doe er wat aan, ook al lijkt het nu niet direct van invloed, die is er wel. Iedere stem is er eentje.

En hoewel de Brexit nu uiteindelijk toch de kop kost van Theresa May mochten de Britten ook nog een keer meestemmen. De dag daarna stapt ze op. Dat kan geen toeval zijn. Stemmen heeft dus zin. De mensen die voor een Nexit zijn, lijken nu de moeite niet te hebben genomen. De winst is voor de PvdA, PVV verloor. Forum voor Democratie won weliswaar, maar niet genoeg om te zeggen dat Nederland voor de Nexit is. Of zou ook hier de opkomst meespelen? Iedere stem zegt iets. Stem je niet, zeur dan niet achteraf dat je niet was uitgenodigd. Dat was je wel, je kwam alleen niet opdagen.

Last minute

“Het last minute besluit over Lili en Howick zorgt voor pijn in de coalitie. De VVD wil van haar senaatsvoorzitter af. En de Nederlandse bombardementen tegen IS worden wegens succes gestaakt.” “Hoe bizar wil je het hebben: de politiek wil kinderen deporteren, de politie veroorzaakt bijna een halve klopjacht, het volk staat op, deportatie wordt last minute gestopt en de politiek claimt vervolgens het succes. Bizar. Bizar.” “Daar is Last Minute Luuk #FRANED.” “De zaterdagplannen zijn lastminute afgezegd. Wat zullen we morgen eens gaan doen?” “Yep. Zeker weten. Graag op tijd vallen zodat ik het kan inplannen voor @libelle Zomerweek 2019. Anders geeft het zo n gedoe. Dat last minute geregel, gebel en alles… “; De vraag is voor mij meer: hoe hard hebben #CU en #D66 dit gespeeld? Tot hoever zijn ze gegaan om #LilienHowick te laten blijven? Hoop dat daar t.z.t. een reconstructie van komt. En hoop nu vooral dat er nog een last-minute uitweg is voor #LiliHowick.”

Het was de afgelopen dagen wat. Geen plotseling besluit, maar een last minute besluit rondom twee kinderen die al tijden in angst leven. Net als dat de laatste aanbiedingen in reisland ook ineens last minute gingen heten en dan toch vaak pas een vertrektijd over een maand hebben. Laatste nipper besluit klinkt toch ook best aardig? Waarom weer dat Engels. Omdat we interessant willen doen, erbij willen horen, of heeft u een beter idee?

De term is in ieder geval al doorgedrongen tot Van Dale:

1last mi·nute (de; v(m); meervoud: last minutes)1op het laatste moment geboekte reis
2last mi·nute (bijvoeglijk naamwoord)1op het laatste ogenblik: last minute boeken

In 1951 was de Schotse ruit last-minute bag in en te koop voor 10,50 gulden. Eind 1973 roemt De Waarheid D.W. Griffith voor de last-minute rescues in zijn films. In 1974 verschenen de eerste advertenties met last minute stuntreizen in de krant. En die last minute reizen zijn niet meer weg te denken in de reiswereld, hoewel ze dus niet altijd geschikt zijn voor mensen die in de laatste minuut van een dag besluiten dat ze nu op reis willen. Integendeel. En de aanbieding is er vaak ook al af. Het is een lege term in de huidige reisbranche. Maar het bekt kennelijk lekker genoeg om er nu ook besluiten achter te hangen.

Niets mis met een besluit op het laatste moment, hoewel je in het geval van de twee kinderen kunt afvragen of het niet al na dat moment was. Maar noem het dan zo. Of laatste nipper besluit En bij de reizen kan het er helemaal wel vanaf. Daar is niks meer aan wat ook maar iets met het laatste moment of de laatste minuut te maken heeft.

Managen

“Louis over Roy, zo’n hype kon Bryan niet managen.” “Elk grassprietje moet worden verantwoord. Vervolgens gaan ze dat managen met 2 benen op het bureau en 1 vinger in de neus.” “Tijd om weg te gaan van het ‘managen’ van ‘resources’. Medewerkers zijn mensen. Tijd dus voor het managen van mensen.” “Het gaat om verwachtingen managen en de bot heel specifiek gericht 1 ding laten doen.” “Goed leven houdt in dat je kunt sturen, je energie kunt managen en zin kunt ervaren.”

Het nieuwe leiden is managen, zo lijkt het. Bedrijven zoeken geen directeuren of chefs meer, maar managers. Weer een woord waar we het kennelijk interessanter vinden om de Engelse term te gebruiken. Voor internationaale bedrijven en organisaties valt daar nog iets voor te zeggen, als het om de functietitel gaat. Maar om dan hier in het Nederlands ook de werkwoordversie te pas en te onpas te gebruiken, gaat mij persoonlijk iets te ver. Ik hou daarvoor te veel van de Nederlandse taal.

De eerste vermelding van het woord managers trof ik aan in het Bataaviaansch Handelsblad van 9 maart 1888. Zij deden hun stars schitteren, volgens de krant. Enkele jaren later, op 1 april 1905, verschijnt in diezelfde krant een bericht over ‘groote instellingen’ die hun zaken weten te managen. We jatten dus al heel lang uit het Engels deze term voor leiding geven, maar ook onder controle hebben. Want als je nu iets goed weet te ‘managen’,  heb je de boel onder controle.

Dat kun je ook gewoon zeggen, dat je het onder controle hebt of dat je ergens grip op hebt. En dat je leiding geeft. Dat zegt meer dan het managen dat inmiddels een verzamelbegrip is voor heel veel interessantdoenerij. En dat soort begrippen zegt vaak het minst, omdat ze heel veel en daarom juist helemaal niets betekenen.

Quick wins

“Als iemand me zoekt ben ik even wat laaghangend fruit aan het plukken qua quick wins.” “Eens, politiek is het vooral veel schreeuwen met puntige qoutes om aandacht te vragen en de snelle stem. Veel ad-hoc, quick wins en de lange termijn wordt onderbelicht.” “Kilometers geluidsschermen vervangen door zonnepanelen is ook nog zo’n Quick win.” “Ga je voor quick wins en kortetermijn-groei, of voor langetermijn-waarde?”

Meteen maar een bekentenis: ik heb deze woorden laten staan in een stuk wat ik laatst moest bewerken. Jaren lang heb ik deze woorden niet kunnen lezen zonder aan quick and dirty te moeten denken. En eigenlijk komt dat deels ook wel overeen. Snel en vies is een snelle winst. En daar gaat menig organisatie voor en ook degene waar ik voor werk en daarom heb ik het laten staan. De taal van mijn lezer volgend. Maar er zijn eerlijk gezegd ook veel Nederlandse alternatieven die ik had kunnen opschrijven: snelle acties, korte klappen, die laatste hoor je bijna niet meer, maar was voorheen ook populair in kantorenland. β

Quick win staat niet in de Van Dale en toch vindt Delpher de eerste vermelding al in 1925 bij een artikel over een voetbalwedstrijd. De etymologiebank heeft ook niks te melden maar dat de uitdrukking uit het Engels komt, is wel duidelijk. Zoals bij veel Engelse termen in kantorenland zijn ze via de marketing binnengekomen. Hoe behaal je snel resultaten zonder dat het veel moeite kost, snel en vies via de snelle winstpunten. Misschien vind ik het daarom nog steeds een beetje vies klinken.

Doen

“Even chill drankje doen.” “Op het #terras is ‘t ook gezellig, kom lekker een #drankje doen.” “Ik ga drankje doen in Utrecht, waar moet ik zijn?” “Doe jij eens heel snel kappen daarmee!” “Doe jij eens n dagverslag.”

Doen is het equivalent van smurfen, denk ik wel eens. Als klein meisje verwonderde het mij al als ik ouders tegen hun kinderen hoorde zeggen: “doe jij eens een doekje halen”, bijvoorbeeld. En tegenwoordig gaan mensen niet meer een drankje drinken op het terras of in de kroeg, maar een drankje doen. Wat doen ze er dan mee? Dat is toch echt meestal opdrinken, tenzij ze het omstoten.

Van Dale zegt dat doen een handeling uitvoeren is, dus wellicht ook drinken:

Doen
1. een werking 
verrichtenuitvoerenzo gezegd zo gedaan het uitgesproken voornemen werd direct uitgevoerdiets gedaan krijgen zorgen dat het gebeurtniets te doen hebben geen werk hebbenhet is niet te doen te moeilijk om gedaan te wordenertoe doen belangrijk zijn, meetellen, verschil maken(België) iem. laten doen hem zijn gang laten gaan.

Maar het is nog veel meer: 2. als beroep hebbenwat doet je vader? 3. iets verrichten ten voor- of nadele van het objectdie hond doet niets doet geen kwaad. 4. het gewenste effect hebbendat nieuwe boek deed het goed werd veel verkochtdat doet er niet toe maakt niets uit. 5. functionerende rem doet het niet meer. 6. (voortdurend) het genoemde verrichtenaan toneel doen. 7. het doen (met iem.) geslachtsgemeenschap hebben (met iem.). 8. zich uiten, zich gedragenmoeilijk, vervelend doen over een kwestie. 9. omschrijvend of versterkend werkwoordhij doet een pogingroken doet hij niet.

Niet alleen zijn de betekenissen talrijk, de geschiedenis ook al. De eerste vermelding is uit de tiende eeuw, volgens de etymologiebank: doen ww. ‘handelen, verrichten, maken; veroorzaken’. Onl. duon ‘doen’ [10e eeuw; W.Ps.]; mnl. doen.

En toch is dat doe jij eens iets doen nog niet zo oud. Wellicht zou de uitspreker ervan het willen scharen onder betekenis nummer zes. Maar ik vind het infantiel klinken en vraag me af of dat de juiste betekenis is. Zeker om dat het te pas en te onpas voorkomt, net als dat de smurfen voor elk werkwoord het woord smurfen gebruikte. Ik heb dan meer sympathie voor de persoon die een drankje gaat doen, want zelden blijft het bij een enkel drankje en daarom heeft het misschien meer van (voortdurend) het genoemde verrichten.