Den Haag: €1 miljoen extra voor aanval op uitval

Twee extra klassen met traject op maat (T.O.M.-klassen) en drie extra casemanagers voor vroegtijdig schoolverlaters moet het schoolverzuim in Den Haag nog verder terugdringen. Wethouder Ingrid van Engelshoven (D66, Onderwijs, Dienstverlening) wil de harde kern van jongeren zonder afgeronde opleiding naar school krijgen en daar houden.

De wethouder wil tot 2014 nog eens tien procent voortijdig schoolverlaters in de schoolbanken houden. In 2006 telde Den Haag nog 2200 vroegtijdig schoolverlaters, nu zijn dat er 1500. Van 7 naar 4,2 procent. “Den Haag is daarmee de best presterende gemeente van Nederland. Dat doen we met de gouden driehoek: het ministerie, het onderwijs met Mondriaan als goede partner en de gemeente”. Zij gaf wel een winstwaarschuwing, omdat nu vooral de moeilijke gevallen over zijn, de harde kern van voortijdig schoolverlaters. De wethouder zette de nieuwe plannen uiteen in het bijzijn van Marja van Bijsterveldt in het ROC Mondriaan aan het Leeghwaterplein.

TOM-klassen

Het ROC Mondriaan begon vorig jaar met de TOM-klassen, volgens de wethouder uniek in Nederland. Dit moet voorkomen dat leerlingen tussen twee studies of als ze twijfelen over een richting thuis komen te zitten. “Als iemand thuis zit, krijg je ze lastig terug naar school. Hier krijgen ze taalles, burgerschapsontwikkeling, coaching en extra begeleiding om ervoor te zorgen dat ze snel weer terug zijn in het reguliere onderwijs en de straks 19 casemanagers begeleiden de jongeren die uit dreigen te vallen en zoeken met hen naar een studie die bij ze past”. Terug naar nul krijgt de wethouder het verzuim niet. “Dat is een illusie, maar ik vind het wel onze plicht elke jongere een kans te geven op een startkwalidicatie. Wel wil ik graag nog 10 procent minder vroegtijdig schoolverlaters”.

Fatih

Een van de leerlingen in de TOMklas is Fatih Demir komt uit Turkije en is nu acht jaar in Nederland. Hij wil graag toezichthouder worden. Dat is op zijn niveau niet in de stad te volgen. Daarom gaat hij eerst een opleiding van beveiliger volgen. Daarna zit hij op het juiste niveau om toezichthouder te worden. “Ik wil de bedenker van de TOMklas bedenken. Anders had ik zdes maanden moeten wachten en nu kan ik aan mijn talen werken en houd ik mijn studiefinanciering”, zegt hij. Hij is leergierig en houdt het wel vol. In de TOMklas ziet hij ook leerlingen die niet genoeg inzet tonen, maar daar zegt hij niets van. “Daar zijn docenten voor, ik wil gewoon leren. En dat komt vooral door mijn lerares van de vorige school Thea Rurup die me erg heeft geholpen en adviseert, nog steeds”. Juist op de dag van deze bijeenkomst heeft Demir gehoord dat hij werk krijgt als toezichthouder bij woningcorporatie HaagWonen. “Maar ik ga gewoon doorleren tot ik ook het diploma voor toezichthouder heb”.

Weerbarstige praktijk

Fatih is een voorbeeldige leerling, maar zo zijn ze niet allemaal. Jos Leenhouts, voorzitter van het College van Bestuur schetst de lastige praktijk. “Wij hebben hier een opleiding voor rioolmedewerker met 30 leerlingen, vaak jongeren met problemen. Op de werkvloer zijn zij soms lastig en dat leidt tot ontslag. Dan stoppen ze met de opleiding. Het is voor ons erg lastig deze mensen binnen te houden. Wij krijgen daardoor het predicaat slechte school, maar hoe ver moet je gaan”?

Minister van Onderwijs Marja van Bijsterveldt luistert aandachtig. “Ik ben blij met mensen die zich met hart en ziel voor het onderwijs inzetten. Ik geloof sterk in de gouden driehoek en ben blij met het extra geld van de gemeente. Maar ook een compliment voor ROC Mondriaan. Uit de verhalen blijkt hoe weerbarstig de praktijk is en ik ben toch blij dat jullie het goed doen”.

 

Helft minder straffen door speciale leerplichtambtenaren

Een proef met acht speciale leerplichtambtenaren in Escamp en Centrum leidt tot de helft minder straffen voor schoolverzuim. Het aantal meldingen van schoolverzuim is vorig schooljaar wel gestegen, maar dat komt omdat nu ook licht schoolverzuim in beeld komt.

Dat blijkt uit het jaarverslag leerplicht van de gemeente Den Haag. Scholen en de leerplichtambtenaren werken beter samen. Daarnaast zijn er acht preventieve leerplichtambtenaren ingezet. Zij onderhouden contacten met de scholen en gaan bij leerplichtige leerlingen op bezoek als zij te lang afwezig zijn bij de lessen. In Centrum en Escamp werd anderhalf keer meer verzuimd dan in andere wijken. Vorig jaar is die achterstand door de inzet van de preventieve leerplichtambtenaren en een betere verzuimregistratie weggewerkt.

“Het gaat hier om de persoonlijke aanpak. Het schoolverzuim in de krachtwijken was anderhalf keer zo groot als in de andere wijken. In een jaar hebben we dat teruggedrongen tot het Haags gemiddelde van 7,5 %”, zegt onderwijswethouder Ingrid van Engelshoven (D66). De acht speciale leerplichtambtenaren werken op vier scholen voor voortgezet onderwijs en twintig voor basisonderwijs en kosten ongeveer een miljoen euro. Een deel van dat geld komt van het rijk waarmee de gemeente afspraken heeft gemaakt over het schoolverzuim. Die afspraken lopen eind volgend jaar af. “Ik heb er goede hoop op dat die afspraken daarna worden doorgezet, want het kabinet vindt tegengaan van schoolverzuim ook belangrijk en hier in Den Haag werkt deze aanpak”, aldus de wethouder. De gemeente trekt van 2012 tot en met 2014 in ieder geval jaarlijks € 500.000,- uit voor deze aanpak.

Preventief leerplichtambtenaar Michelle Phillipsen voert gesprekken met de school en met leerlingen die lessen missen. Zij legt ook huisbezoeken af. “Thuis leer je meer over de situatie en mogelijke achterliggende oorzaken van het verzuim. Zo had ik iemand wiens vader was overleden. Hij had al veel lessen gemist, ongeveer twaalf uur in een week. Hem heb ik weer op school gekregen”, aldus Phillipsen. Volgens haar weten leerlingen vaak niet dat zij een taakstraf of boete kunnen krijgen als zij de leerplicht ontduiken. Soms wordt ze door wanhopige ouders ingezet om leerlingen uit bed te praten. “We slaan ze er niet uit”, aldus Phillipsen.

Elske Mennema is leerplichtambtenaar. “Mijn werk is zodanig veranderd dat ik minder mensen zie en dat ze nu beter op de hoogte zijn van de consequenties van hun verzuim. Daar kan ik op voortborduren”. Ook merkt de afdeling Leerplicht van de gemeente dat mentoren nu vaak eerder bellen met de leerlingen als zij een les missen. “Die persoonlijke aandacht, werkt ook. Je laat een leerling merken dat hij er toe doet en daardoor komt hij ook eerder terug naar school”.